Co-redacteur en co-auteur, bundel De strijd om de ether. Christelijke partijen en de inrichting van het radio- en televisiebestel (1997)

IMG_1725

‘Het Nederlandse publieke omroepbestel, met zijn scala aan omroepverenigingen, is vanwege zijn nadruk op ideeën en overtuigingen uniek in de wereld. Het bestel heeft een traditie die terug gaat tot in de jaren 1920, toen de radio zijn intrede deed. De christelijke politieke partijen, de ARP, de CHU, de RKSP, de KVP en het CDA, hebben bij de vormgeving van het bestel een dominante rol gespeeld. In deze bundel beschrijven jonge wetenschappers hoe deze partijen zich in de loop van deze eeuw hebben opgesteld tegenover het “omroepbestel”.

Een van de rode draden daarbij is de rol van de overheid. Deze had telkens opnieuw tot taak de schaarse ruimte in de ether op maatschappelijk aanvaardbare wijze te verdelen. Dit gold voor de radio maar evenzeer voor de televisie toen deze in de jaren ’50 de huiskamer veroverde. De christelijke politieke partijen lieten zich bij dit verdelingsvraagstuk niet onbetuigd. Ook de omroepen van KRO en NCRV deden hun invloed gelden. De geschiedenis laat zien dat het dan ook niet overdreven is te spreken van een “strijd om de ether”.

De bundel bestaat uit vier thematische bijdragen en drie biografische schetsen. De eerste thematische bijdrage bespreekt de vormgeving van het radiobestel. Vervolgens komen de na-oorlogse jaren van de “doorbraak” aan de orde, waarbij geprobeerd werd de maatschappelijke tegenstellingen ook in de ether te verzoenen. Daarop volgen de politieke discussies in de jaren ‘6O naar aanleiding van de komst van de televisie. De bundel sluit af met de overgang naar het duale bestel in de jaren ‘8O en de rol die het CDA daarbij gespeeld heeft.

In de biografische schetsen worden drie christelijke politici belicht die op de vormgeving van het omroepbestel elk een eigen stempel hebben gedrukt, te weten H. van Boeijen (CHU), P.S. Gerbrandy (ARP) en J. Cals (KVP).

De bundel confronteert de christen-democratie met haar geschiedenis: het in de jaren 1920 ingerichte omroepbestel heeft in de loop der tijd vele aanvallen doorstaan. In gemoderniseerde vorm heeft het steeds weten te overleven. Het is aan de christen-democratische politiek om dit bestel zodanig te moderniseren dat het ook in de 21ste eeuw nog bestaansrecht heeft.’

Co-redacteuren van deze bundel zijn: H.J. van de Streek en R.S. Zwart. Zelf nam ik een hoofdstuk voor mijn rekening, getiteld: ‘”Naast het specifieke het gemeenschappelijke”. H. van Boeijen en de radiokwestie (1932-1944)’.

Voor een overzicht van alle hoofdstukken, zie:

http://www.dbng.nl/en/search/1?searchkey1=relnt&searchterm1=162277288&searchtype1=and.

Bestelinformatie:

http://www.bol.com/nl/p/de-strijd-om-de-ether/1001004001505053/.

Co-redacteur, bundel Christelijke politiek en democratie (1995)

9012083141

‘Met “Paars” heeft ook in Nederland de idee van de liberale democratie overwonnen. De burger moet kunnen gaan winkelen wanneer het hem goeddunkt. De politiek staat op het punt democratischer te worden; het kabinet Kok vindt dat onze volksvertegenwoordigers direct door de bevolking uit de eigen omgeving gekozen moeten worden. Ook maakt het Kabinet zich hard voor de invoering van het referendum. Maar toch: wil de burger dit allemaal wel? Hoe democratisch moet de politiek zijn? Tot nu toe bleef men bij referenda massaal thuis. De opkomst voor verkiezingen is nog nooit zo laag geweest, en lid worden van een partij is ook uit de mode. Dit boek bepaalt de lezer bij de actualiteit van het huidige debat over democratie. Specifiek staat in deze bundel de bijdrage van de christen-democratie aan de discussie over democratisering van de politiek centraal. In heden, verleden en toekomst. Het CDA kenmerkte zich in zijn verleden altijd door terughoudendheid. Van referenda en directe mandaten moe(s)t men weinig hebben. In hoeverre valt voor de toekomst een betekenisvolle bijdrage van de christen-democratie te verwachten?

Diverse (jonge) wetenschappers proberen in deze bundel op die vraag een antwoord te geven, met een verkenning van de historische dimensies van het thema christelijke politiek en democratie. De bundel begint met een drietal ideeënhistorische bijdragen over de gedachtevorming binnen het katholicisme en het protestantisme over democratie. Ook het theocratisch denken krijgt de aandacht. Daarna wordt aan de hand van vier case-studies geïllustreerd hoe de voorgangers van het CDA concrete oplossingen trachtten te vinden voor concrete vraagstukken van democratisering. Allereerst gaat de aandacht uit naar de meningsvorming binnen de RKSP, de ARP en de CHU over de invoering van het kiesrecht van vrouwen in de jaren 1905-1919. Vervolgens wordt het katholieke antwoord op het fascisme in Nederland besproken, gevolgd door een analyse van het debat over het corporatisme binnen de RKSP en de KVP tussen 1952 en 1960. De bundel sluit af met een staatsrechtelijke bijdrage over de standpunten van het CDA in het recente debat over staatkundige en bestuurlijke vernieuwing.

De bundel confronteert de christen-democratie met haar geschiedenis: indien het CDA een oorspronkelijke bijdrage wil leveren aan de grote debatten over democratie en democratisering zal eerst het nodige denkwerk moeten worden verricht.’

De overige redacteuren van de bundel zijn H.J. van de Streek en R.S. Zwart.

Bestelinformatie:

http://www.bol.com/nl/p/christelijke-politiek-democrat/1001004001505026/;

http://www.mullerbook.nl/boek.php?boekId=26450.

Voor een signalering op digibron.nl, zie:

http://www.digibron.nl/search/detail/012de09bf5bad12edd9c8d8c/om-het-belang-van-de-democratie.