Artikel, ‘Het EHRM en de “waarlijk democratische regeringsvorm”‘ (2007)

NJCB2007nr2

‘Het EHRM gaat uit van een overwegend materiële, want inclusieve, democratieconceptie. In het licht hiervan zijn de eisen die het Hof op grond van artikel 3 Eerste Protocol stelt aan de staatsinrichting, hoewel op zichzelf nuttig, opvallend dun en daarmee traditioneel westers van aard. Deze zelfde traditioneel westerse bias heeft tot gevolg dat onder artikel 11 EVRM juist bijzonder inhoudelijk en daarmee exclusivistisch wordt gereageerd op met name islamitisch geïnspireerde partijen en bewegingen. Teneinde het door het Hof voorgestane pluralisme daadwerkelijk gestalte te geven, is in beide opzichten een bijstelling noodzakelijk: de op basis van de politieke grondrechten aan de staatsinrichting gestelde eisen moeten opgeschroefd en de tolerantie van religie in het publieke domein verhoogd.’

Voor de tekst van het artikel, verschenen in NJCM-Bulletin, zie:

https://openaccess.leidenuniv.nl/handle/1887/13338.

Over het NJCM-Bulletin:

‘Het Nederlands Tijdschrift voor de Mensenrechten (NTM/NJCM-Bulletin) is een uitgave van het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM). Het NTM/NJCM-Bulletin is gericht op het verspreiden van informatie over en analyseren en becommentariëren van ontwikkelingen met betrekking tot de rechten van de mens, voorzover die van belang zijn voor de Nederlandse rechtsorde of het Nederlands buitenlands beleid.’

Hoofdstuk in bundel Geschakeld recht. Verdere studies over Europese grondrechten (2009)

9789013062151-240x300

‘In dit boek, ter ere van de zeventigste verjaardag van prof. mr. E.A. Alkema, buigt een groot aantal experts zich over actuele vraagstukken op het terrein van de verbinding tussen en de wederzijdse beïnvloeding van het nationale en het Europese (internationale) recht. Daarbij staat de grondrechtenbescherming centraal. Immers, juist op dat terrein is duidelijk zichtbaar dat de Nederlandse rechtsorde niet op zichzelf staat maar “geschakeld” is aan een Europese (EVRM en Grondrechtenhandvest EU) en internationale rechtsorde (VN-mensenrechtenverdragen). In het bijzonder de Europese grondrechten vormen al vele decennia het aandachtsterrein van Evert Alkema en de auteurs in deze bundel haken daarbij aan.

Het boek biedt een rijk beeld van de ontwikkelingen in de afgelopen jaren en brengt het denken over de behandelde vraagstukken daadwerkelijk verder. Daarmee past het boek ook in actuele onderzoek van de afdeling staat- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden waarin de betekenis van het Europese recht voor het nationale staats- en bestuursrecht centraal staat.’

Mijn eigen bijdrage aan deze bundel is getiteld: ‘”Is het aan de orde stellen van deze ondermijning van de rechtsstaat dan werkelijk ongeoorloofd?” De SGP-casus in het licht van de politieke grondrechten.’ Zie http://de SGP-casus in het licht van de politieke grondrechten.