Bijdrage aan bundel De multiculturele samenleving en het recht (2002)

9069164345

‘De samenleving is pluriform en multicultureel, zowel in Nederland als in de ons omringende landen. Dat trekt natuurlijk sporen in het recht. Op het eerste gezicht lijken het incidenten op een klein aantal rechtsgebieden, zoals in het personen- en familierecht. Bij nadere bestudering blijkt echter het pluriforme en multiculturele van de samenleving tot in alle uithoeken van het recht gevolgen te hebben. De bijdragen in dit boek brengen veel hiervan in beeld. Kernvragen daarbij zijn op welke manier en in welke mate de multiculturele samenleving en het recht op elkaar in werken en in hoeverre dit wenselijk, noodzakelijk of onvermijdelijk is.
Met deze vragen zullen het recht en de politiek in de komende decennia worden geconfronteerd. Onder druk van dreigende sociale en politieke onrust. Juristen hebben de taak maatschappelijk aanvaardbare antwoorden voor deze belangrijke sociale vraagstukken uit te werken – maar eigenlijk geldt dat voor iedereen in de huidige, multiculturele samenleving.’

Mijn eigen bijdrage aan deze bundel, getiteld ‘Een Nederlandse taliban?’, is hier te downloaden: https://openaccess.leidenuniv.nl/handle/1887/13921.

De inleiding op dit hoofdstuk luidt als volgt:

‘Een van de stellingen die aan deze bundel ten grondslag ligt, luidt dat de Nederlandse samenleving pluriform en multicultureel is. Dit zou gevolgen hebben tot in aIle uithoeken van het reeht.

In deze bijdrage wordt deze stelling nader onderzoeht aan de hand van een easus op het terrein van het verenigingenreeht. Het betreft de uitsluiting van vrouwen van het gewone lidmaatschap door de Staatkundig-Gereformeerde Partij (SGP). In hoeverre kan een organisatie met een beroep op de vrijheid van vereniging en andere grondreehten haar normen in eigen kring handhaven, ook wanneer het gaat om staatkundige activiteiten?

Teneinde het antwoord op deze vraag te vinden wordt eerst ingegaan op de aanleiding om juist deze casus te onderzoeken, te weten het in september 2001 verschenen landen- eommentaar van het VN-Comite ter Bestrijding van Discriminatie van Vrouwen (CEDAW) (§ 1). Vervolgens wordt ingegaan op enkele politieke en maatschappelijke reacties op dit eommentaar, voorzover de SGP betreffend (§ 2), en de opstelling van de Nederlandse en de Europese rechter terzake van partijverboden (§ 3). Ik sluit af met een conclusie (§ 4).’

Bestelinformatie van de bundel:

http://www.bol.com/nl/p/de-multiculturele-samenleving-en-het-recht/1001004001653372/.

Co-redacteur en co-auteur, bundel Gelijkheid en rechtvaardigheid. Staatsrechtelijke vraagstukken rondom ‘minderheden’ (2002)

GetAttachment.aspx

‘Op 14 december 2001 vond de 28ste staatsconferentie plaats, waarbij de Leidse juridische faculteit als gastheer optrad. Het thema van de conferentie was Gelijkheid en rechtvaardigheid. Staatsrechtelijke vraagstukken rondom “minderheden”. De positie van en het gedrag van minderheden binnen onze samenleving staan de laatste tijd weer nadrukkelijk in de belangstelling. In dat verband is er onder meer discussie over de verhouding van het discriminatieverbod van artikel 1 Grondwet tot andere grondrechten.

De staatsrechtconferentie 2001 vormde in zekere zin een vervolg op de in 1979 in Leiden gehouden staatsrechtconferentie over ‘staatsrecht en minderheidsgroepen’. Na ruim 20 jaar wordt teruggeblikt op de ontwikkelingen in het minderhedenbeleid en in de wetgeving en rechtspraak met betrekking tot gelijke behandeling van diverse minderheidsgroepen. In hoeverre hebben beleid, wetgeving en rechtspraak geleid tot een grotere rechtvaardigheid in de behandeling van minderheidsgroepen in het functioneren van de samenleving als geheel? Daarnaast wordt vooruitgekeken naar nieuwe uitdagingen voor het staatsrecht als het gaat om het tegengaan van uitsluiting van kwetsbare groepen. Daarbij is het begrip “minderheden” bewust tussen aanhalingstekens geplaatst. Het perspectief is niet beperkt tot de min of meer traditionele minderheden in de vorm van allochtone bevolkingsgroepen, maar juist ook gericht op “nieuwe” groepen die zich als minderheid presenteren. Zo wordt niet alleen aangesloten bij allerhande actuele ontwikkelingen in onze multi-etnische, multireligieuze en multiculturele samenleving, maar ook onder meer stilgestaan bij de vraag in hoeverre het concept “minderheid” aan verandering onderhevig is.

Diverse onderwerpen, zoals de ontwikkeling van het Nederlandse minderhedenbeleid, de representatie van minderhedn binnen de politieke besluitvorming, botsing van grondrechten, scheiding van kerk en staat en onderscheid op grond van handicap worden in deze bundel belicht door personen die vanuit de politiek-bestuurlijke of rechtspraktijk met die onderwerpen te maken hebben. De bijdragen zijn op sommige plaatsen na de conferentie nog nader uitgewerkt naar aanleiding van de discussie. Ook zijn hier en daar nog actuele ontwikkelingen van na de conferentie meegenomen.’

Voor mijn eigen bijdrage, getiteld, ‘De verhouding tussen staat en godsdienst. Enkele stellingen ter herorientatie op een actueel thema’ (met B.C. Labuschagne), zie: https://openaccess.leidenuniv.nl/handle/1887/15114.

Voor de volledige inhoudsopgave, zie: http://www.gbv.de/dms/spk/sbb/toc/365325643.pdf.

Bestelinformatie:

http://www.bol.com/nl/p/gelijkheid-en-rechtvaardigheid-staatysre/1001004001829679/;

http://www.vanstockum.nl/boeken/recht-algemeen/staats–en-bestuursrecht/nl/gelijkheid-en-rechtvaardigheid%253B-staatsrechtelijke-vraagstukken-rondom-%2522minderheden%2522-kroes-mloof-jpnapel-hmtd-ten-9789026840807/