Artikel ‘Wat heeft de voorrang: de meerderheid of de rechtsstaat?’, in Christelijk Weekblad (5 februari 2016)

cw05022016

De opening van dit vandaag verschijnende artikel luidt als volgt:

‘Hoe weerbaar is de democratie eigenlijk? In de jaren dertig was dat een belangrijk onderwerp door de opkomst van het nationaalsocialisme, en het lijkt opnieuw een thema te worden met de komst van moslims en met hen de idee van de sharia. Voldoende aanleiding daarom om aandacht te geven aan een van de centrale vragen rond dit leerstuk: de verhouding tussen rechtsstaat en democratie.’

Over Christelijk Weekblad:

‘Nieuws- en opinieblad voor gelovig Nederland
Het tweewekelijkse nieuws- en opinieblad CW houdt u betrokken bij kerkelijk en christelijk Nederland. Maar ook bij Nederlandse christenen die actief zijn in het buitenland. Wekelijks actuele verhalen, achtergronden, inspirerende interviews, reportages over plaatselijke kerken, columns, boekbesprekingen en nog veel meer. Lezers van CW zijn meelevende christenen uit nagenoeg alle protestantse kerken.

CW is sinds 2015 een uitgave van Dekker Creatieve Media. Nieuws en achtergronden behoren in ons werk tot de dagelijks weerkerende realiteit. Uit alle nieuws in kerk en samenleving maken wij een selectie voor u. Wij voorzien die van commentaar en achtergrond vanuit een Bijbels perspectief.

CW is opgericht in 1952 als Centraal Weekblad. Aanvankelijk nog vooral gericht op de lezers in de Gereformeerde Kerk, vandaag de dag voelen gelovigen uit diverse hoeken zich aangetrokken tot ons blad. Een bekende naam is die van professor Klaas Runia, die bijna 25 jaar hoofdredacteur van de krant is geweest. Bij de vorming van de PKN ging het blad zich breder oriënteren en kreeg het zijn opiniefunctie. In 2009 kreeg het blad een nieuwe naam, Christelijk Weekblad. Dit veranderde in 2015 in CW, een tweewekelijks opinieblad dat wordt gelezen door meelevende gelovigen met diverse achtergrond.’

Voor meer (bestel)informatie, zie:

http://www.christelijkweekblad.nl/Home.aspx.

Voor een pdf-versie van het artikel:

pu2016CW Weerbare democratie.

Het artikel werd mede geschreven n.a.v. de verschijning van Weerbare democratie. De grenzen van democratische tolerantie (2015) van Bastiaan Rijpkema. Zie over dat boek:

http://www.nieuwamsterdam.nl/boeken/weerbare-democratie-bastiaan-rijpkema-9789046820049.

 

Bijdrage aan bundel Brieven aan de Staatscommissie (2009)

brieven-aan-de-staatsrechtcommissie

‘Op donderdag 9 juli 2009 werd de Staatscommissie Grondwet geïnstalleerd, een commissie die tot opdracht heeft het kabinet te adviseren over onder andere de toegankelijkheid van de Grondwet voor de burger, de verhouding tussen de opgenomen grondrechten en de uit internationale verdragen voortvloeiende rechten, zoals het recht op een eerlijk proces en het recht op leven, en de doorwerking van internationaal recht.

De Staatsrechtkring heeft – om de Commissie bij te staan – het initiatief genomen haar leden uit te nodigen om een brief aan de commissie schrijven over een onderwerp dat én in de opdracht van de commissie besloten lag, én nog niet in een van de onderzoeken of adviezen was verwerkt én toch de bijzondere aandacht van de Staatscommissie behoefde.

De reacties die binnenkwamen zijn in dit boek opgenomen.

Met bijdragen van: P.P.T. Bovend’Eert, J.L.W. Broeksteeg, D.J. Elzinga, A.L. Goedhart, H.G. Hoogers, W.J.L. Hulstijn MA, A.C.M. Meuwese, A.J. Nieuwenhuis, H.M.T.D. ten Napel, J.W.C. Van Rossem, A.E. Schilder, G.J. Veerman, W.J.M. Voermans, H.G. Warmelink.’

Mijn eigen bijdrage is getiteld: ‘”Een vastgesteld middel” – maar tot welk doel?’. Lees deze bijdrage hier:

https://openaccess.leidenuniv.nl/handle/1887/14950.

Bestelinformatie van de bundel als geheel:

http://www.wolfpublishers.com/book.php?id=535.

Co-auteur, rapport De Nederlandse Grondwet geëvalueerd (2009)

6

Lees over dit rapport het navolgende gedeelte uit een persbericht van de Leidse Faculteit der Rechtsgeleerdheid d.d. 13 oktober 2009, waaruit tevens bovenstaande afbeelding afkomstig is (‘Tekst van de grondwet op een muur in Den Haag door Jan Kooi’):

‘Overheid en rechtspraktijk tevreden over Grondwet

Vertegenwoordigers van de overheid en rechtspraktijk hebben – ondanks kritiek op onderdelen – waardering voor de Nederlandse Grondwet. Dit is een belangrijke uitkomst van het onderzoek naar de betekenis van de Grondwet als voorstudie voor de Staatscommissie Grondwet.

Overheid en rechtspraktijk tevreden over Grondwet
Er bestaat geen breed levende wens tot majeure herziening. Dit is een belangrijke uitkomst van het onderzoek naar de betekenis van de Grondwet, De Nederlandse Grondwet geëvalueerd: anker- of verdwijnpunt?

Voorstudie Staatscommissie
Het onderzoek werd uitgevoerd door een grote groep onderzoekers van de Universiteit Leiden onder leiding van Michiel van Emmerik, Tom Barkhuysen en Wim Voermans. Het is een voorstudie voor de onlangs ingestelde Staatscommissie Grondwet, die nadenkt over aanpassing van de Grondwet en medio 2010 daartoe voorstellen moet doen aan het kabinet. Leids hoogleraar Janneke Gerards is lid van deze commissie.

Het rapport wordt op donderdag 15 oktober 2009 aangeboden aan de voorzitter van de staatscommissie Grondwet, prof. mr. W. Thomassen, raadsheer in de Hoge Raad.

Sobere grondwetscultuur
Interviews met de min of meer professionele gebruikers van de Grondwet uit kringen van de overheidsmachten en de rechtspraktijk (openbaar bestuur, rechterlijke macht, parlement, rechtshulp en media) laten een betrekkelijk breed gedeelde tevredenheid met de Grondwet zien. Dat beeld lijkt te passen in de sobere grondwetscultuur die wij in Nederland kennen.

Geen Grondwet in eenvoudig Nederlands
Een groot aantal van de geïnterviewden roept wel op de Grondwet beter uit te dragen met buitenconstitutionele instrumenten, bijvoorbeeld via het onderwijs. Instrumenten als een preambule en een Grondwet in eenvoudig Nederlands krijgen weinig bijval, al bestaat er een zekere voorkeur om de Grondwet nog beknopter te maken dan die nu is. Een meerderheid van de respondenten ziet in de zware herzieningsprocedure een belangrijke bescherming tegen de waan van de dag, terwijl enkele geïnterviewden dit juist een obstakel vinden tegen bestuurlijke vernieuwingen.

Wensenlijstjes voor verbetering
Bij doorvragen geven de meeste geïnterviewden aan wel – niet steeds als dringend ervaren – wensenlijstjes voor grondwetsverbetering te hebben. Zo lijkt er een gedeelde wens te bestaan tot opname van een recht tot toegang op een onpartijdige en onafhankelijke rechter. Meer verdeeld wordt gedacht over het al dan niet uit de Grondwet schrappen van het verbod voor de rechter om wetten te toetsen aan de Grondwet. Verder waren er veel particuliere en diverse suggesties tot grondwetsverandering.’

Het rapport kan worden gedownload via: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2009/04/17/de-nederlandse-grondwet-geevalueerd.

Co-redacteur en co-auteur, bundel Gelijkheid en rechtvaardigheid. Staatsrechtelijke vraagstukken rondom ‘minderheden’ (2002)

GetAttachment.aspx

‘Op 14 december 2001 vond de 28ste staatsconferentie plaats, waarbij de Leidse juridische faculteit als gastheer optrad. Het thema van de conferentie was Gelijkheid en rechtvaardigheid. Staatsrechtelijke vraagstukken rondom “minderheden”. De positie van en het gedrag van minderheden binnen onze samenleving staan de laatste tijd weer nadrukkelijk in de belangstelling. In dat verband is er onder meer discussie over de verhouding van het discriminatieverbod van artikel 1 Grondwet tot andere grondrechten.

De staatsrechtconferentie 2001 vormde in zekere zin een vervolg op de in 1979 in Leiden gehouden staatsrechtconferentie over ‘staatsrecht en minderheidsgroepen’. Na ruim 20 jaar wordt teruggeblikt op de ontwikkelingen in het minderhedenbeleid en in de wetgeving en rechtspraak met betrekking tot gelijke behandeling van diverse minderheidsgroepen. In hoeverre hebben beleid, wetgeving en rechtspraak geleid tot een grotere rechtvaardigheid in de behandeling van minderheidsgroepen in het functioneren van de samenleving als geheel? Daarnaast wordt vooruitgekeken naar nieuwe uitdagingen voor het staatsrecht als het gaat om het tegengaan van uitsluiting van kwetsbare groepen. Daarbij is het begrip “minderheden” bewust tussen aanhalingstekens geplaatst. Het perspectief is niet beperkt tot de min of meer traditionele minderheden in de vorm van allochtone bevolkingsgroepen, maar juist ook gericht op “nieuwe” groepen die zich als minderheid presenteren. Zo wordt niet alleen aangesloten bij allerhande actuele ontwikkelingen in onze multi-etnische, multireligieuze en multiculturele samenleving, maar ook onder meer stilgestaan bij de vraag in hoeverre het concept “minderheid” aan verandering onderhevig is.

Diverse onderwerpen, zoals de ontwikkeling van het Nederlandse minderhedenbeleid, de representatie van minderhedn binnen de politieke besluitvorming, botsing van grondrechten, scheiding van kerk en staat en onderscheid op grond van handicap worden in deze bundel belicht door personen die vanuit de politiek-bestuurlijke of rechtspraktijk met die onderwerpen te maken hebben. De bijdragen zijn op sommige plaatsen na de conferentie nog nader uitgewerkt naar aanleiding van de discussie. Ook zijn hier en daar nog actuele ontwikkelingen van na de conferentie meegenomen.’

Voor mijn eigen bijdrage, getiteld, ‘De verhouding tussen staat en godsdienst. Enkele stellingen ter herorientatie op een actueel thema’ (met B.C. Labuschagne), zie: https://openaccess.leidenuniv.nl/handle/1887/15114.

Voor de volledige inhoudsopgave, zie: http://www.gbv.de/dms/spk/sbb/toc/365325643.pdf.

Bestelinformatie:

http://www.bol.com/nl/p/gelijkheid-en-rechtvaardigheid-staatysre/1001004001829679/;

http://www.vanstockum.nl/boeken/recht-algemeen/staats–en-bestuursrecht/nl/gelijkheid-en-rechtvaardigheid%253B-staatsrechtelijke-vraagstukken-rondom-%2522minderheden%2522-kroes-mloof-jpnapel-hmtd-ten-9789026840807/