Lezing: ‘Why Religous Freedom?’ op 7 april a.s.

UPDATE: Professor Neville Rochow SC is helaas verhinderd, de lezing van Prof. Scharffs gaat gewoon door.

‘Het Centrum voor Religie en Recht en het onderzoekersnetwerk Religie en Recht nodigen u graag uit voor een vrijdagmiddaglezing op 7 april 2017 met als spreker professor Brett Gilbert Scharffs, Francis R. Kirkham Professor of Law and Associate Dean for Research and Academic Affairs at the J. Reuben Clark Law School of Brigham Young University (BYU), daar is hij ook Associate Director of the International Center for Law and Religion Studies.

Het onderwerp van de lezing van professor Scharffs zal zijn: ‘Why Religious Freedom? Why the Religiously Committed and the Religiously Indifferent Should Care’. Voorafgaand aan de lezing zal professor Neville Rochow SC een korte inleiding geven over het werk van eerdergenoemd centrum waaraan hij als Senior International Fellow verbonden is. Professor Rochow is European Union Government Relations Representative van The Church of Jesus Christ of Latter-day Saints in Brussel, en daarnaast onder meer lid van het bestuur van de Research Unit for the Study of Society, Law and Religion aan Adelaide Law School, Australië. De bijeenkomst begint om 15.00 uur (14.30 uur inloop). Op de website van het Centrum voor Religie en Recht (www.religie-recht.nl) treft u de exacte locatie en routebeschrijving aan. De bijeenkomst wordt om 16.30 uur afgesloten met een netwerkborrel.

De voertaal van de lezing is Engels.’

Voor de bron, en meer informatie (waaronder een flyer), zie: http://centre-religion-law.org/en/actueel/50-lezing-why-religous-freedom-9-april.

Co-auteur, boek Juridische betekenis en reikwijdte van het begrip ‘rechtsstaat’ in de legisprudentie & jurisprudentie van de Raad van State’ (2011)

images

Lees hier het Woord vooraf van de toenmalige vice-president van de Raad van State, mr. H.D. Tjeenk Willink:

‘Woord vooraf

De studie die hier voorligt van de hand van mevrouw prof. mr. J.H. Gerards, prof. dr.W.J.M.Voermans, mr. dr. M.L. van Emmerik en dr. H.-M.Th.D.Ten Napel over de rechtsstaat, tot stand gebracht onder auspiciën van het Instituut voor Publiekrecht van de Universiteit Leiden, vormt de vierde uitgave in de serie ‘Studies en rapporten van de Raad van State’. Deze ‘Studies en rapporten’ brengen aspecten in het werk van de Raad en zijn beide Afdelingen voor het voetlicht die voor dat werk van bijzonder gewicht zijn.

De rechtsstaat vormt niet alleen het fundament van het Nederlandse staatsbestel, maar ook van het werk van de Raad van State.Tegelijkertijd is het begrip rechtsstaat “maar moeilijk te vangen”, zoals de auteurs opmerken aan het begin van het hoofdstuk waarin zij de notie van de rechtsstaat in Nederland, de Europese Unie en de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens bespreken. Deze moeilijkheid heeft hen er evenwel niet van weerhouden handzame schema’s te ontwikkelen voor de analyse van het gebruik van rechtsstatelijke begrippen in de legisprudentie en de jurisprudentie van de Raad van State.

De studie wordt uitgegeven onder de naam van de auteurs. De inhoud blijft voor hun rekening en geeft niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Raad van State weer.

Oud-staatsraad prof. mr. E.A. Alkema en prof. mr. E.C.M. Jurgens, die een klankbord vormden voor de onderzoekers, dank ik voor hun inzet bij de totstandkoming van deze studie, alsmede de begeleidingsgroep vanuit het Constitutioneel Beraad van de Raad van State onder voorzitterschap van de voorzitter van het Beraad, staatsraad Van Dijk en met als leden de staatsraden Schuyt en Vermeulen en de secretaris van het Beraad, mevrouw dr. H.J.Th.M. van Roosmalen.

De auteurs dank ik voor het vele werk dat zij hebben verzet. Met het resultaat wens ik alle betrokkenen van harte geluk. Naar mijn hoop en overtuiging zullen de observaties van de onderzoekers bijdragen aan de explicitering en consistentie van de hantering van het rechtsstaatbegrip bij de uitoefening van de beide hoofdtaken van de Raad.

Ik spreek de wens uit dat deze nieuwe uitgave in de serie ‘Studies en rapporten’ de lezer veel genoegen en inspiratie verschaft.

H.D.Tjeenk Willink
vice-president’

Voor een downloadbare versie van het rapport, alsmede bestelinformatie, zie:

https://www.raadvanstate.nl/publicaties/publicaties.html.

Co-redacteur en co-auteur, studieboek Inleiding Staatkunde (1995)

IMG_1724

‘Met Inleiding Staatkunde heeft u een compleet en actueel studieboek in handen.

Dit boek biedt kennis en inzicht omtrent de belangrijkste thema’s van het Nederlandse staats- en bestuursrecht alsmede van de Nederlandse politiek. Het unieke van dit boek is de geïntegreerde benadering van de thema’s: zowel vanuit de juridische als vanuit de politicologische wetenschap wordt ingegaan op de ontwikkeling van onze democratische staat en op de positie van (in het bijzonder) regering en parlement, het bestuursapparaat en de rechterlijke macht.

Deze integratie tussen de juridische en de politicologische discipline is gebaseerd op het uitgangspunt dat een goed begrip van de staatsinstellingen pas ontstaat als men niet alleen weet hoe taken en bevoegdheden van de overheid en rechten en plichten van burgers zijn gereguleerd, maar ook in welk politiek krachtenveld bevoegdheden worden uitgeoefend en wat de invloed daarbij is van feitelijke machtsverhoudingen.

De gekozen aanpak blijkt onder meer uit de opneming van hoofdstukken over de politiek-theoretische ontwikkeling in het denken over (rechts)staat en democratie, de rol van politieke partijen, het functioneren van de bureaucratie en de ontwikkeling van de sociale rechtsstaat, naast de aandacht voor de kabinetsformatie, de ministeriele verantwoordelijkheid, de taken en bevoegdheden van het parlement en de rechtsbescherming tegen de overheid onder de Algemene wet bestuursrecht. Tevens wordt ingegaan op de bevoegdheden en de macht van het lokaal bestuur respectievelijk de supranationale overheden, in het bijzonder de Europese Gemeenschap. Hierbij wordt aandacht besteed aan het proces van de Europese integratie en aan de staatsrechtelijke en politicologische dimensies van de Europese Unie, die van groot belang zijn voor de Nederlandse staat.’

Ten behoeve van deze bundel leverde ik hoofdstukken over resp. Nederland als consensusdemocratie, de sociale rechtsstaat en de rechterlijke macht.

Bestelinformatie:

http://www.bol.com/nl/p/inleiding-staatkunde/666783247/;

https://www.boekenplatform.nl/inleiding-staatkunde-175502.

Co-redacteur en co-auteur, bundel De betekenis van de Europese Grondwet voor de Nederlandse staatsinstellingen (2005)

9789013031614-240x300

‘Op 26 mei 2005 organiseerde de Staatsrechtkring in samenwerking met de Universiteit Leiden een symposium over de betekenis van de Europese Grondwet voor de verhouding tussen bestuur, rechter en wetgever zowel in de relatie Nederland-EU, als in de relatie tussen de EU-instellingen onderling. Tijdens dit symposium werd een eerste inventarisatie uitgevoerd in drie sessies, waarbij telkens de betekenis van de Europese Grondwet voor een van de overheidsmachten (wetgever, bestuur of rechter) centraal stond. Een afzonderlijke sessie werd gewijd aan de gevolgen voor de Nederlandse burger (democratie).

Het symposium opende met een beschouwing over de grondwettelijkheid van de Europese Grondwet en sloot af met een overkoepelende beschouwing door de vice-president van de Raad van state.

Minder dan een week na het symposium, op 1 juni 2005, vond het Nederlandse referendum plaats over de Europese Grondwet, waarbij 62,5 procent van de bevolking tegen stemde. Enkele dagen daarvoor had de Franse bevolking zich eveneens uitgesproken in negatieve zin. Hierop zijn de diverse inleiders gevraagd in de reeds voorbereide bijdragen in te gaan op de vraag wat het Franse en Nederlandse ‘nee’ en de Europese reflectieperiode betekenen voor de rechtsvorming door of met medewerking van de overheidstak waarover zij hun bijdragen schreven, de onderlinge relaties van die overheidstakken en het constitutionele recht (zowel de beginselen als het positieve recht) waar die rechtsvorming en onderlinge relaties door worden beheerst.

Alle inleiders hebben aan dit verzoek gehoor gegeven. Hiernaast werden twee aanvullende bijdragen geschreven over respectievelijk de Haagse visie op het beginsel van het institutioneel evenwicht en de positie van de Nederlandse regering als Europees onderhandelaar.

De bundel, onder redactie van mr. dr. H.-M.Th.D. ten Napel en prof. dr. W.J.M. Voermans, is gepubliceerd in de reeks Publicaties van de Staatsrechtkring en bevat bijdragen van prof. mr. R. Barents, mr. J.L.W. Broeksteeg, mr. M.L.H.K. Claes, drs. J.N. Dubbelboer, mr. dr. H.-M.Th.D. ten Napel, mr. H.D. Tjeenk Willink, prof. dr. W.J.M. Voermans en prof. mr. R.J.G.M. Widdershoven.’

Bestelinformatie:

http://www.standaardboekhandel.be/seo/nl/boeken/recht/9789013031614/-/de-betekenis-van-de-europese-grondwet-voor-de-nederlandse-staatsinstellingen.

Voor de overkoepelende slotbeschouwing van de toenmalige vice-president van de Raad van State, zie:

https://www.raadvanstate.nl/tjeenkwillink/toespraken-van-herman-tjeenk-willink/tekst-toespraak.html?id=511&summary_only=&category_id=14.

Voor mijn eigen bijdrage, getiteld ‘Liever Monnet dan Metternich? De Haagse visie op het beginsel van het institutioneel evenwicht’,
zie:

https://openaccess.leidenuniv.nl/handle/1887/13390.