Honours Class ‘Constitutionele concepten en praktijk’

5

Deze Honours Class hoop ik komende zomer aan te bieden, samen met prof. mr. J.P.H. Donner, vice-president van de Raad van State en dit academisch jaar als Cleveringa-hoogleraar verbonden aan de Universiteit Leiden.

De vakbeschrijving luidt als volgt:

‘Belangrijke staatsrechtelijke begrippen, zoals democratie, scheiding van machten en soevereiniteit, zijn historisch tot ontwikkeling gekomen binnen de grenzen van de natiestaat. Deze Honours Class zal allereerst onderzoeken wat de functies van deze begrippen waren binnen het nationale bestel en welke invulling zij in de praktijk hebben gekregen.

In de afgelopen decennia is de “beschermende” functie van natiestaten zoals Nederland verminderd. Een tweede vraag die de Class zal pogen te beantwoorden is dan ook: gegeven de nieuwe praktische werkelijkheid van Europese integratie in het bijzonder, hoe kan de essentie van deze, oorspronkelijk nationale staatsrechtelijke begrippen, ook in het vervolg gewaarborgd blijven?’

Dit vak is een Honours Class en alleen beschikbaar voor studenten van het Honours College. Zij kunnen zich tot 1 april voor het vak inschrijven.

Zie voor de volledige vakbeschrijving:

https://studiegids.leidenuniv.nl/courses/show/56319/constitutionele-concepten-en-praktijk.

Voor het nieuwsbericht over de benoeming van prof. mr. J.P.H. Donner, zie:

http://nieuws.leidenuniv.nl/nieuws-2015/piet-hein-donner-houdt-cleveringa-oratie-2015.html.

De Cleveringa-oratie 2015 van vice-president Donner is hier raadpleegbaar:

https://www.raadvanstate.nl/agenda/nieuws/tekst-nieuwsbericht.html?id=797&summary_only=&category_id=9.

In de Mare verscheen op 19 november 2015 een interview met de Cleveringa-hoogleraar, getiteld ‘Ik mis het debat met de Kamer’:

http://www.mareonline.nl/archive/2015/11/18/ik-mis-het-debat-met-de-kamer.

Co-redacteur en co-auteur, bundel De betekenis van de Europese Grondwet voor de Nederlandse staatsinstellingen (2005)

9789013031614-240x300

‘Op 26 mei 2005 organiseerde de Staatsrechtkring in samenwerking met de Universiteit Leiden een symposium over de betekenis van de Europese Grondwet voor de verhouding tussen bestuur, rechter en wetgever zowel in de relatie Nederland-EU, als in de relatie tussen de EU-instellingen onderling. Tijdens dit symposium werd een eerste inventarisatie uitgevoerd in drie sessies, waarbij telkens de betekenis van de Europese Grondwet voor een van de overheidsmachten (wetgever, bestuur of rechter) centraal stond. Een afzonderlijke sessie werd gewijd aan de gevolgen voor de Nederlandse burger (democratie).

Het symposium opende met een beschouwing over de grondwettelijkheid van de Europese Grondwet en sloot af met een overkoepelende beschouwing door de vice-president van de Raad van state.

Minder dan een week na het symposium, op 1 juni 2005, vond het Nederlandse referendum plaats over de Europese Grondwet, waarbij 62,5 procent van de bevolking tegen stemde. Enkele dagen daarvoor had de Franse bevolking zich eveneens uitgesproken in negatieve zin. Hierop zijn de diverse inleiders gevraagd in de reeds voorbereide bijdragen in te gaan op de vraag wat het Franse en Nederlandse ‘nee’ en de Europese reflectieperiode betekenen voor de rechtsvorming door of met medewerking van de overheidstak waarover zij hun bijdragen schreven, de onderlinge relaties van die overheidstakken en het constitutionele recht (zowel de beginselen als het positieve recht) waar die rechtsvorming en onderlinge relaties door worden beheerst.

Alle inleiders hebben aan dit verzoek gehoor gegeven. Hiernaast werden twee aanvullende bijdragen geschreven over respectievelijk de Haagse visie op het beginsel van het institutioneel evenwicht en de positie van de Nederlandse regering als Europees onderhandelaar.

De bundel, onder redactie van mr. dr. H.-M.Th.D. ten Napel en prof. dr. W.J.M. Voermans, is gepubliceerd in de reeks Publicaties van de Staatsrechtkring en bevat bijdragen van prof. mr. R. Barents, mr. J.L.W. Broeksteeg, mr. M.L.H.K. Claes, drs. J.N. Dubbelboer, mr. dr. H.-M.Th.D. ten Napel, mr. H.D. Tjeenk Willink, prof. dr. W.J.M. Voermans en prof. mr. R.J.G.M. Widdershoven.’

Bestelinformatie:

http://www.standaardboekhandel.be/seo/nl/boeken/recht/9789013031614/-/de-betekenis-van-de-europese-grondwet-voor-de-nederlandse-staatsinstellingen.

Voor de overkoepelende slotbeschouwing van de toenmalige vice-president van de Raad van State, zie:

https://www.raadvanstate.nl/tjeenkwillink/toespraken-van-herman-tjeenk-willink/tekst-toespraak.html?id=511&summary_only=&category_id=14.

Voor mijn eigen bijdrage, getiteld ‘Liever Monnet dan Metternich? De Haagse visie op het beginsel van het institutioneel evenwicht’,
zie:

https://openaccess.leidenuniv.nl/handle/1887/13390.