Opinieartikel ‘Herodes of Pilatus: Amerikaanse evangelicalen en Trump’

CW Opiniefdlogo

Voor Nederlanders valt een zege van een Republikeinse kandidaat bij Amerikaanse presidentsverkiezingen vanouds moeilijk te begrijpen. Soms is dat nog moeilijker dan anders, zoals in het geval van de verkiezing van Ronald Reagan in 1980, of zoals nu die van Donald Trump. Misschien het allermoeilijkst te begrijpen is echter dat, zoals Christianity Today schreef, vier van de vijf blanke evangelicalen hun stem hebben uitgebracht op Trump. Dit ondanks de verscheidenheid onder Amerikaanse evangelicalen, waarvan er volgens deskundigen tenminste zeven soorten bestaan.

Lees over de achtergrond die blanke evangelicalen voor Trump hebben gemaakt het navolgende, op 15 november 2016 in Friesch Dagblad verschenen, opinieartikel: pu2016 frd-20161115-011.

Het stuk werd oorspronkelijk geschreven op verzoek van het tweewekelijkse nieuws- en opinieblad CW Opinie, dat wordt gelezen door meelevende gelovigen met diverse achtergrond, en waarin het vandaag in andere vorm verschijnt. Voor informatie over (proef)abonnementen op CW Opinie, zie: https://www.cw-opinie.nl/abonneren.

Aan het eind van het opinieartikel wordt tevens ingegaan op de vraag of blanke evangelicalen, door massaal op Trump te stemmen, het rechtspopulisme niet verder hebben versterkt:

Na Hongarije, Polen en het Verenigd Koninkrijk, heeft dit nu ook in de Verenigde Staten stevige voet aan de grond gekregen. Dat is geen bijzonder geruststellend idee, met verkiezingen op komst in onder andere Duitsland, Frankrijk en Nederland. Dit kun je echter bezwaarlijk alleen de evangelicalen aanrekenen. Bovendien zou de zorg van het populisme ook met een overwinning van Clinton niet uit de wereld zijn geweest.

Voor de conclusie dat met de verkiezing van Trump het rechtspopulisme in de Verenigde Staten vrij baan krijgt, is het tenslotte nog te vroeg. Daarvoor is de scheiding der machten, met de bijbehorende checks and balances, toch te hecht verankerd in het Amerikaanse staatsbestel. Zelfs het feit dat de Republikeinen ook in beide kamers van het Congres over een meerderheid beschikken, doet hieraan geen afbreuk. Onder meer de bureaucratie, de media en lagere rechters blijven belangrijke tegenwichten vormen. De westerse liberale democratie staat onmiskenbaar onder druk, maar haar lot is van meer afhankelijk dan het optreden van toekomstig president Trump alleen.

Paper presentation, ‘Multiple Sovereignties and the Principle of Separation of Powers’, IXth World Congress of Constitutional Law, University of Oslo (2014)

logo-wccl-uio

About the Congress:

‘The IACL holds a World Congress every 3-4 years. The IXth Congress will take place in Oslo from 16 to 20 June 2014 and is organised by the Department of Public Law at the University of Oslo in collaboration with the Executive Committee of the IACL. The venue for the Congress is the historic Main Building of the University of Oslo, which is in the centre of the city.
The Congress will take place just one month after the 200th anniversary of the Norwegian Constitution which today stands as the second-oldest written Constitution in the world. It is expected that between 300 and 500 participants will attend the Congress, from all regions of the world.
The working languages of the Congress are French and English and simultaneous translation will be provided in plenary sessions.
The IACL uses two principal formats for the scholarly programme of a World Congress: plenary sessions and workshops. Plenary sessions are open to all participants while workshops are smaller and discussion-based. There will be four plenary sessions in this Congress, each of which lasts for 3½ hours.’

About the workshop during which the paper was presented (‘The mutations and transformation of division of powers: the constitutional organization’):

‘The classical characteristics of the Legislative and Executive Powers, which have scarcely changed since the origins of liberal constitutionalism (XVIIIXIX), are no longer adequate concepts or theoretical devices for explaining constitutional reality.

Every division of powers rests on the willingness of a constitutional assembly to divide the power with the purpose of avoiding the abuse of power and tyranny. The search for a system of checks and balances is then based on a liberal conception of political power. Therefore the main instrument to realize this balanced frame is to organize a moderate and representative government as was defended by Montesquieu and other authors; a limited power – they thought – should exclude arbitrariness and despotism.

But it becomes necessary to maintain two essential ingredients of the spirit of division of powers: the efficiency of this frame of government and the limitation of powers itself. The first ensures the supreme and general interest of a community; the second guarantees the fundamental rights and private interests of individuals. Thus both requirements must condition the development of the political society that every Constitution leads.

The issue of division of powers is however, nowadays, clearly renewed, because not only do the Executive and the Legislative powers play a main role within constitutional organization, but also those two classical powers have been submitted to strong transformations. Besides, modern constitutional provisions have created many new organs and powers, taking into account new circumstances and techniques.

On one hand, the judiciary power has affirmed itself step by step as a counter power of political and representative power. On the other hand, there are other powers with a diverse nature and quite different from those organized by the constitution:

the economic and financial powers,
international organizations which can be founded on different bedrocks,
lobbies which represent the interest of different groups in a society or even
collective and minority interests (religions, languages, costumes, regional or national identities), or
media powers.
These entities do not belong to the democratic and representative circuit provided inside constitutions. Those new realities and scenarios should probably be present in the philosophy of the contemporary constitutional organization. We must also underline the existence of supranational organizations, in particular in Europe and Latin America, as well as their intense impact on the transformation of the domestic division of power within the States.’

For sources and additional information, see:

http://www.iacl-aidc.org/en/events/previous-events/103-oslo-congress-oslo-congress-16-20-june-2014;

http://www.jus.uio.no/english/research/news-and-events/events/conferences/2014/wccl-cmdc/wccl/program/workshops/workshop15.html.

[At my request, my own paper was removed from the list of ‘accepted papers’ for copyright purposes.]

Redactie themanummer ‘Democratie in ademnood?’ van CDV (2012)

cover-bottom-bg

‘Democratie is kostbaar cultureel erfgoed dat voor haar eigen behoud constant onderhoud en vernieuwing nodig heeft. Dat is de boodschap van Rein Jan Hoekstra, oud-lid van de Raad van State en oud-informateur, in het nieuwe nummer van Christen Democratische Verkenningen (CDV) dat vandaag verschijnt.

Er wordt volgens hem te gemakzuchtig met de democratie omgegaan. Alsof deze af is, vanzelfsprekend is, en geen cultivering behoeft. Ondertussen wordt er stevig gemorreld aan het gebouw van de democratie en dreigen we de spelregels van de democratie uit het oog te verliezen.

Hoekstra maakt zich “ernstige zorgen” over de staat van de democratie in Nederland en de wijze waarop politieke partijen ermee omgaan. Volgens hem dreigen politici en bestuurders de orde, een van de meest fundamentele rechtsprincipes, uit het oog te verliezen. ‘Het geklaag over de “kaasstolp in Den Haag” en “de zakkenvullers op het Binnenhof” in combinatie met lage opkomstcijfers bij verkiezingen en de geringe participatiegraad van politieke partijen ondermijnt de legitimiteit van het democratisch stelsel’, aldus Hoekstra in CDV, het kwartaalmagazine van het Wetenschappelijk Instituut voor het CDA. “We leven niet in een mediapolitiek landschap zoals in het Italië van Berlusconi. Maar ook hier heeft degene die via de media de publieke opinie het best weet te bespelen politiek succes. Ook de onzorgvuldige wijze waarop we met de spelregels van onze democratie omgaan, past in dat beeld. De oude spelregel is: er gaat eerst een brief naar de Kamer en dan wordt de pers geïnformeerd. Maar nu wordt daar steeds vaker de hand mee gelicht.”
De Tweede Kamer zelf draagt bij aan een ondergraving van het politieke systeem, betoogt Hoekstra. “Niet alleen de vertegenwoordigende en de controlerende functie, maar ook de wetgevende taak van het parlement wordt onvoldoende serieus genomen. Waar zijn de wetgevingsspecialisten gebleven in de Tweede Kamer? Dat de Eerste Kamer de laatste decennia steeds politieker is geworden, komt doordat de wetgevingstaak van de Tweede Kamer onvoldoende inhoud krijgt.”

Hoekstra toont zich een voorstander van herinvoering van het districtenstelsel zoals dat tot 1917 functioneerde. “Ik zie dat als adequate kanalisatie van de wederzijdse betrokkenheid van de volksvertegenwoordiger met zijn of haar kiezers in het betrokken district. In zoverre zou herinvoering een meerwaarde hebben voor ons parlementaire stelsel.” Ook pleit de christendemocraat voor het correctief wetgevingsreferendum, zodat na aanneming van een wetsvoorstel door Tweede en Eerste Kamer een bindend referendum over dat wetsvoorstel kan worden gehouden. “Mijn opvatting is dat daardoor ten eerste de bevolking in staat wordt gesteld om via een ordelijke procedure haar oordeel te geven, en ten tweede denk ik dat dit preventief positief zal uitwerken voor wat betreft de behandeling van wetsvoorstellen in Tweede en Eerste Kamer. Naar mijn inschatting zou dat kunnen betekenen dat Tweede en Eerste Kamer nog meer gaan letten op de kwaliteit van de inhoud en op problemen bij de uitvoering. Kortom, bezint eer ge begint.”

***
Het nieuwe CDV-nummer, met als titel Democratie in ademnood?, gaat op zoek naar een waardevolle, christendemocratische opvatting van democratie in een tijd dat deze volgens vele onderzoekers onder druk staat. De bundel bestaat uit drie delen. In het eerste deel gaat het over “de staat van de democratie”. Rien Fraanje, senioradviseur bij de Raad voor het openbaar bestuur, en Hans-Martien ten Napel, universitair docent staats- en bestuursrecht, laten zien dat achter de nog altijd redelijk onbezorgde vertrouwenscijfers ten aanzien van de Nederlandse democratie belangrijke problemen schuilgaan. Zo voelt een groot deel van de Nederlandse samenleving zich niet goed gerepresenteerd door politieke partijen. Labuschagne, universitair docent rechtsfilosofie, wijst op de gevolgen van een verregaande secularisering voor een waardevolle democratie. Hoogleraar recht Jan Willem Sap toont aan dat confessionele partijen, ondanks hun scepsis in het verleden tegenover democratie en in het bijzonder tegenover de leer van de volkssoevereiniteit, volop hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van de democratische rechtsstaat.
In het tweede deel staan de “voorwaarden voor democratie” centraal. Zo wijst Marin Terpstra, universitair docent politieke filosofie, op de noodzakelijke religieuze dimensie van democratie, zoals die zich uit in de gezamenlijke viering van de toewijding en overgave van mensen aan de publieke zaak. De directeur van ProDemos, Kars Veling, benadrukt het belang van democratisch burgerschap en betoogt dat democratie niet moet worden versmald tot een besluitvormingsprocedure waarbij de meerderheid het voor het zeggen heeft. Advocaat Bart Fleuren laat zien waarom checks and balances tussen de staatsmachten noodzakelijk zijn. Volgens hem geeft het voorstel om de formateur voortaan niet meer door de Koning te benoemen blijk van een beperkte kijk op democratie.

In het laatste deel worden aanzetten gedaan voor een christendemocratische invulling van democratie. Politicologe Emma Cohen de Lara laat zien dat een bloeiende civil society van vitaal belang is voor de gezondheid van de vertegenwoordigende democratie. Hoogleraar filosofie, Guido Vanheeswijck, gaat in op de nobele opdracht tot tolerantie. Lex Oomkes, politiek commentator bij dagblad Trouw, betoogt dat de neiging tot partijdemocratisering bij partijen als het CDA gepaard gaat met ‘antidemocratische tendenzen’. Het kiezersmandaat wordt volgens hem “meer en meer een verpersoonlijkt mandaat, met ondermijnende gevolgen voor het precaire stelsel van macht en tegenmacht dat het Nederlandse stelsel kenmerkt”.’

Bron: https://www.cda.nl/wi/actueel/toon/verschijning-cdv-winternummer-democratie-in-ademnood/.

Voor dit themanummer schreef ik, samen met Maurice Adams en Maarten Neuteboom, de inleiding: ‘Over de voorwaarden van democratie en het herstel van de vertrouwensrelatie tussen burger en overheid’.

Tevens schreef ik mee aan een bijdrage getiteld ‘De beste, maar niet goed genoeg’, samen met Rien Fraanje: http://www.rob-rfv.nl/documenten/artikel_fraanje_en_ten_napel_voor_cdv.pdf.

Het hele themanummer is hier te downloaden: http://pubnpp.eldoc.ub.rug.nl/FILES/root/tijdschrift/CDV/CDV2012/CDV_2012_winter.pdf.

Voor meer (bestel)informatie over CDV, zie: https://www.tijdschriftcdv.nl.